ECLI:NL:RBDHA:2017:13015
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen weigering asielaanvraag wegens Dublinverordening en verantwoordelijkheid Frankrijk
Eiser heeft op 6 juli 2017 een asielaanvraag ingediend in Nederland. Uit Eurodac-gegevens bleek dat hij eerder in Frankrijk asiel had aangevraagd, waarna Nederland op grond van de Dublinverordening Frankrijk verzocht hem terug te nemen. Frankrijk heeft dit verzoek geaccepteerd.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende heeft onderbouwd dat Frankrijk zijn verdragsverplichtingen niet zal nakomen of dat de overdracht een situatie veroorzaakt die strijdig is met artikel 3 EVRM Pro of artikel 4 Handvest Pro EU. Het enkele feit dat de Franse autoriteiten zijn eerste aanvraag hebben afgewezen, is onvoldoende.
Het beroep is daarom ongegrond verklaard. De rechtbank stelt dat de risico’s bij terugkeer naar Soedan onderdeel zijn van het asielrelaas dat door Frankrijk moet worden beoordeeld. Nederland heeft terecht geen gebruik gemaakt van de bevoegdheid om de aanvraag zelf te behandelen wegens het ontbreken van onevenredige hardheid.
Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak kan binnen een week hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de asielaanvraag is ongegrond verklaard en de verantwoordelijkheid voor behandeling ligt bij Frankrijk.