ECLI:NL:RBDHA:2017:13227
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag op grond van Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser, een Soedanese nationaliteit, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Uit Eurodac-onderzoek bleek dat hij illegaal via Italië de EU-buitengrens is binnengekomen. Verweerder heeft daarom op grond van de Dublinverordening de overdracht aan Italië gevraagd, welke is goedgekeurd.
De rechtbank overwoog dat op grond van artikel 30 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 de aanvraag niet in behandeling wordt genomen indien een andere lidstaat verantwoordelijk is. Italië is verantwoordelijk en het interstatelijk vertrouwensbeginsel is van toepassing. Eiser slaagde er niet in aannemelijk te maken dat dit vertrouwensbeginsel niet geldt.
De rechtbank verwees naar eerdere uitspraken waarin werd bevestigd dat er geen ernstige structurele tekortkomingen zijn in de Italiaanse asielprocedure en opvang. Ook waren er geen bijzondere individuele omstandigheden die overdracht aan Italië onevenredig hard zouden maken. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard.