Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 16 november 2017 in de zaak tussen
[eiser], te [plaats], eiser
Procesverloop
Overwegingen
.
Rechtbank Den Haag
Eiser, voormalig grondwerker, meldde zich ziek op 26 september 2013, maar door een administratieve fout werd dit pas op 12 december 2013 aan het UWV doorgegeven. Verweerder weigerde een WIA-uitkering per 10 december 2015 omdat de wachttijd van 104 weken niet was verstreken. Eiser voerde aan dat hij vanaf 12 december 2013 arbeidsongeschikt was vanwege rugklachten en andere medische beperkingen, ondersteund door diverse medische verklaringen.
De rechtbank beoordeelde of eiser binnen vier weken na 12 december 2013 arbeidsongeschikt was geworden, zoals vereist voor het voltooien van de wachttijd. De verzekeringsarts bezwaar en beroep concludeerde op basis van dossieronderzoek en medische stukken dat er geen aanwijzingen waren voor arbeidsongeschiktheid in die periode. De rechtbank vond het medisch onderzoek zorgvuldig en zag geen reden om het oordeel te herzien.
De stelling van eiser over het gebruik van tramadol werd niet aannemelijk geacht wegens gebrek aan onderbouwing. De rechtbank oordeelde dat eiser de wachttijd niet heeft voltooid en daarom geen recht heeft op een WIA-uitkering. Het beroep werd ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd wegens niet verstreken wachttijd.