ECLI:NL:RBDHA:2017:14423
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken bezwaar tegen omzetbelasting 2014
Eiseres, werkzaam als psychotherapeute, betaalde omzetbelasting over de jaren 2013 tot en met 2016 en maakte bezwaar tegen de aangiften van 2013. Verweerder verleende teruggaaf voor 2013 en voor de jaren 2015 en 2016, maar niet voor 2014. Eiseres stelde dat zij uit een brief van verweerder mocht afleiden dat zij voor 2014 geen apart bezwaar hoefde in te dienen en dat zij daarom recht had op teruggaaf en rente.
De rechtbank oordeelt dat op grond van de Algemene wet bestuursrecht bezwaar pas mogelijk is na een besluit en dat eiseres geen bezwaar had ingediend voor 2014. De brief van verweerder maakte duidelijk dat voor toekomstige tijdvakken telkens een nieuw bezwaar moest worden ingediend. Er was geen afspraak gemaakt die dat anders maakte. Ook was geen toezegging gedaan dat ondanks het ontbreken van bezwaar teruggaaf zou worden verleend.
Verder is vastgesteld dat ambtshalve teruggaaf op grond van artikel 65 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen geen besluit is waartegen bezwaar en beroep openstaat. Daarom is de rechtbank niet bevoegd om over het niet verlenen van ambtshalve teruggaaf voor 2014 te oordelen. Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard. Verweerder wordt wel opgedragen het betaalde griffierecht aan eiseres te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van bezwaar tegen de omzetbelasting over 2014.