Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 4 december 2017 in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres,
Procesverloop
Overwegingen
De rechtbank oordeelt als volgt.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een meerderjarige dochter uit Irak behorend tot de Yezidi-minderheid, heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van haar machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aanvraag. Verweerder had het verzoek afgewezen omdat er volgens hem geen sprake was van beschermenswaardig familieleven op grond van artikel 8 EVRM Pro, mede vanwege het ontbreken van 'more than normal emotional ties' en het beleid dat sinds 2016 geldt.
De rechtbank oordeelt dat verweerder ten onrechte het beleid van 2016 (WBV 2016/11) heeft toegepast terwijl de aanvraag uit 2015 dateert, toen het beleid nog uitging van het aannemen van gezinsleven tussen ouders en meerderjarige kinderen zonder de eis van meer dan normale emotionele banden. Daarnaast heeft verweerder onvoldoende rekening gehouden met de bijzondere persoonlijke omstandigheden van eiseres, zoals haar verblijf in een vluchtelingenkamp, haar status als alleenstaande vrouw, en het ontbreken van mannelijke familieleden in Irak.
De rechtbank stelt vast dat verweerder niet alle relevante feiten en omstandigheden heeft meegewogen en dat de motivering van de belangenafweging ondeugdelijk is. Hierdoor is sprake van een motiveringsgebrek. Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen vier weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Verweerder wordt tevens veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen.