ECLI:NL:RBDHA:2017:15093
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardig relaas en kennelijk ongegrond
Eiser, een Chinese staatsburger, vroeg asiel aan in Nederland met het argument dat hij vanwege niet-afgeloste leningen bij de overheid en een criminele organisatie in China gevaar loopt. Hij stelde dat hij na het niet betalen van rente en aflossing zou worden opgepakt door de autoriteiten en bedreigd door de onderwereld.
De staatssecretaris wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat eiser geen documenten kon overleggen ter onderbouwing van zijn leningclaims en zijn verhaal inconsistent en ongeloofwaardig was. De rechtbank bevestigde dit oordeel, wijzend op tegenstrijdigheden in het relaas, het ontbreken van pogingen om documenten te verkrijgen en het niet melden van verblijf bij binnenkomst.
De rechtbank oordeelde dat eiser niet voldeed aan de criteria voor vluchtelingenstatus of bescherming op grond van het EVRM. Ook werd het verlies van het paspoort als te kwader trouw beoordeeld. Het beroep werd ongegrond verklaard en de aanvraag definitief afgewezen.
Uitkomst: De asielaanvraag wordt afgewezen als kennelijk ongegrond wegens ongeloofwaardig relaas en niet tijdig melden van verblijf.