ECLI:NL:RBDHA:2017:15664
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Ghrib
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser diende op 29 augustus 2017 een asielaanvraag in, maar verweerder nam deze niet in behandeling vanwege de Dublinverordening. Uit Eurodac bleek dat eiser eerder illegaal de EU-buitengrens via Italië was gepasseerd en in Italië en Duitsland al asiel had aangevraagd. Duitsland werd als verantwoordelijk land vastgesteld omdat het verzoek om terugname niet binnen twee weken werd beantwoord en later bevestigd.
Eiser stelde dat Duitsland zijn verdragsverplichtingen niet zou nakomen en dat er sprake zou zijn van schending van de Procedurerichtlijn en Opvangrichtlijn. De rechtbank oordeelde dat deze stellingen onvoldoende waren onderbouwd en verwees naar het interstatelijk vertrouwensbeginsel. Ook werden de medische omstandigheden van eiser niet met stukken onderbouwd, en verweerder wees erop dat Duitsland vergelijkbare medische voorzieningen biedt.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht geen gebruik maakte van zijn bevoegdheid om het verzoek in Nederland te behandelen en dat geen sprake is van indirect refoulement. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard.