ECLI:NL:RBDHA:2017:16129
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag vaste standplaats op Haagse Markt wegens brancheringsregels
Eiser diende een aanvraag in voor een vaste standplaats op de Haagse Markt te Den Haag voor Indiase snacks, vallend onder subbranche 6.02 (buitenlandse snacks). Verweerder wees de aanvraag af omdat het maximum aantal vergunningen voor deze subbranche reeds was overschreden. Eiser stelde dat zijn aanbod uniek was en betwistte de rol en onafhankelijkheid van de Commerciële Branchecommissie (CBC).
De rechtbank oordeelde dat het door verweerder gehanteerde brancheringsbeleid en het maximum aantal vergunningen voor subbranche 6.02 rechtmatig waren. Het feit dat het percentage buitenlandse snacks op de markt hoger was dan het streefpercentage rechtvaardigde de afwijzing. De rechtbank vond geen bijzondere omstandigheden die een afwijking van de regels rechtvaardigden.
Verder werd geoordeeld dat de CBC een adviserende rol heeft en voldoende representatief is voor de marktkooplieden. Er was geen bewijs dat de CBC niet onafhankelijk zou zijn. Ten aanzien van de proceskostenveroordeling werd vastgesteld dat het primaire besluit niet was herroepen, zodat geen vergoeding van proceskosten in bezwaar toekwam.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de aanvraag tot proceskostenvergoeding werd afgewezen. De uitspraak werd gedaan door rechter M.J.L. van der Waals op 20 november 2017.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een vaste standplaats op de Haagse Markt wordt ongegrond verklaard.