ECLI:NL:RBDHA:2017:16260
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen overdracht asielaanvraag aan Frankrijk op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening. Tevens verzocht eiser om een voorlopige voorziening ter voorkoming van overdracht aan Frankrijk.
De rechtbank overweegt dat Frankrijk terecht als verantwoordelijk land wordt aangemerkt omdat het een visum aan eiser heeft afgegeven. Eiser heeft onvoldoende onderbouwd dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet meer geldt, noch dat er sprake is van ernstige systeemfouten in de Franse asielopvang die een schending van artikel 4 van Pro het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie opleveren.
Ook de medische situatie van eiser, die lijdt aan MS en rolstoelafhankelijk is, rechtvaardigt geen uitzondering. De medische rapportage toont aan dat eiser zelfredzaam is en geen ziekenhuisopname behoeft, waardoor geen onomkeerbare verslechtering bij overdracht wordt verwacht. De hardheidsclausule is door verweerder naar behoren toegepast.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter B.F.Th. de Roos op 20 december 2017.
Uitkomst: Het beroep tegen de overdracht van de asielaanvraag aan Frankrijk wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen.