ECLI:NL:RBDHA:2017:2292
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen aanspraak op gegarandeerd maandelijks inkomen voor militair niet als herplaatsingskandidaat
Eiser, een voormalig testvlieger bij de Koninklijke Luchtmacht, werd na een reorganisatie neergeschut geplaatst en ontving eervol ontslag per 17 december 2015. Hij vorderde toepassing van de voorziening 'gegarandeerd maandelijks inkomen' uit het Sociaal Beleidskader Defensie 2012-2016 (SBK), stellende dat hij als herplaatsingskandidaat moest worden aangemerkt.
De rechtbank stelde vast dat eiser niet als herplaatsingskandidaat kon worden beschouwd omdat hij niet vanwege boventalligheid was neergeschut, maar vanwege onverenigbaarheid van zijn vliegersfunctie met een nevenfunctie. Hoewel eiser een periode zwevend was geplaatst en daarna neergeschut functioneerde, maakte dit hem niet tot herplaatsingskandidaat zoals bedoeld in artikel 53c van het Algemeen militair ambtenarenreglement (AMAR).
De rechtbank constateerde een motiveringsgebrek in het bestreden besluit, maar liet de rechtsgevolgen daarvan in stand. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen bleven gehandhaafd. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand; eiser krijgt geen gegarandeerd maandelijks inkomen.