ECLI:NL:RBDHA:2017:4777
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling eerste arbeidsongeschiktheidsdag en duurzaamheid arbeidsongeschiktheid werknemer
De zaak betreft het geschil tussen eiseres, een werkgever, en het UWV over de vaststelling van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag en de mate van arbeidsongeschiktheid van een werknemer met milde multiple sclerose en oogklachten.
Eiseres betwistte de vaststelling van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag op 15 juni 2010 en voerde aan dat de werknemer reeds eerder arbeidsongeschikt was. Tevens stelde zij dat de beperkingen duurzaam waren, wat zou leiden tot een IVA-uitkering in plaats van een WGA-uitkering. Het UWV had echter vastgesteld dat de beperkingen niet duurzaam waren en kende een WGA-uitkering toe.
De rechtbank oordeelt dat de eerste arbeidsongeschiktheidsdag terecht is vastgesteld op 15 juni 2010, omdat geen aanwijzingen bestaan voor eerdere arbeidsongeschiktheid als gevolg van oogklachten. Ook acht de rechtbank het beoordelingskader van het UWV en de medische beoordeling van de verzekeringsarts b&b zorgvuldig en onderbouwd. De stellingen van eiseres en haar medisch adviseur bieden onvoldoende aanleiding om het oordeel van het UWV te verwerpen.
De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt dat geen sprake is van duurzame volledige arbeidsongeschiktheid, zodat de toekenning van een WGA-uitkering juist is. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen worden ongegrond verklaard; de eerste arbeidsongeschiktheidsdag is correct vastgesteld en er is geen sprake van duurzame volledige arbeidsongeschiktheid.