ECLI:NL:RBDHA:2017:4804
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening bij beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel
Verzoeker heeft een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd aangevraagd, welke door de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie is afgewezen als kennelijk ongegrond met een inreisverbod van twee jaar. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
Op 25 april 2017 vond de zitting plaats waarbij verzoeker, zijn gemachtigde, de gemachtigde van verweerder en een tolk Dari aanwezig waren. De rechtbank heeft het beroep in de bodemzaak ongegrond verklaard, waardoor het verzoek om een voorlopige voorziening overbodig werd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en zag geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 9 mei 2017 en is niet vatbaar voor hoger beroep.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het beroep in de bodemzaak ongegrond is verklaard.