ECLI:NL:RBDHA:2017:4849
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiseres diende op 9 december 2016 een asielaanvraag in, die door verweerder op 20 april 2017 niet in behandeling werd genomen vanwege de Dublinverordening. Eiseres reisde naar Italië met een geldig Schengenvisum en verweerder vroeg Italië om haar over te nemen. Italië stemde hiermee in.
Eiseres voerde aan dat bijzondere omstandigheden toepassing behoefden en dat overdracht naar Italië zou leiden tot een schending van artikel 3 EVRM Pro, maar de rechtbank vond dit niet aannemelijk. De rechtbank verwees naar recente jurisprudentie en rapportages waaruit bleek dat Italië adequaat opvang biedt, ook voor gezinnen met minderjarige kinderen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht geen gebruik maakte van zijn bevoegdheid om de aanvraag in Nederland te behandelen, omdat de door eiseres gestelde bijzondere omstandigheden onvoldoende waren onderbouwd. Medische stukken en vrees voor familie in Italië boden geen aanleiding tot een ander oordeel.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.