Uitspraak
Rechtbank den haag
in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de onder bewind gestelde goederen van eiser sub 2,
[eiser sub 2],
Rechtbank Den Haag
Eisers vorderden in kort geding de opheffing van een conservatoir beslag dat in 1998 op een woning was gelegd door gedaagde. De vordering was gericht op het mogelijk maken van verkoop en levering van de woning vrij van beslagen.
Gedaagde was niet verschenen en eisers verzochten verstek. Echter, ter griffie was een faxbericht ingekomen van een persoon die zich als erfgenaam van gedaagde voordeed en meldde dat gedaagde overleden was. Deze erfgenaam maakte bezwaar tegen de dagvaarding van een overleden persoon en verzocht de rechtbank de eisers niet-ontvankelijk te verklaren.
De advocaat van eisers was niet bekend met dit faxbericht en voerde aan dat het niet tijdig was ingediend en dat de afzender geen partij was. Ook stelde hij dat gedaagde nog leefde, verwijzend naar een deurwaardersverklaring over de BRP-gegevens. De voorzieningenrechter nam kennis van het faxbericht en oordeelde dat er gerede twijfel bestond over het leven van gedaagde. Hierdoor moesten eisers in hun vordering niet-ontvankelijk worden verklaard.
Uitkomst: Eisers worden niet-ontvankelijk verklaard vanwege gerede twijfel over het leven van gedaagde.