Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
16 september 2014tot en met
10 oktober 2014te Den Bosch, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, opzettelijk dieren, behorende tot een beschermde uitheemse diersoort, aangewezen krachtens artikel 5 van Pro de Flora- en faunawet bij de Regeling aanwijzing dier- en plantensoorten van de Flora- en faunawet in artikel 4 en Pro genoemd in Bijlage B bij de basisverordening: Verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad van de Europese Unie, zoals die gold in de periode van
16 september 2014tot en met
10 oktober 2014, te weten
Rosseneushoornvogels en
16september 2014 tot en met 10 oktober 2014 te ‘s-Hertogenbosch, tezamen en in vereniging met een ander of anderen,
14(tropische) vogels
,onder andere neushoornvogels, voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het voorhanden krijgen van die
vogelswist dat het door misdrijf verkregen
vogelsbetrof.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vorderingen van de benadeelde partijen
8.De toepasselijke wetsartikelen
9. De beslissing
2 (TWEE) MAANDEN;