Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[verzoeker], verzoeker,
het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
De voorzieningenrechter is verhinderd
Rechtbank Den Haag
Verzoeker, van Eritrese nationaliteit, had een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd die was ingetrokken en vervolgens een nieuw verblijfsrecht gekregen. Hij verzocht opvang op grond van de Regeling verstrekkingen asielzoekers (Rva), maar dit werd afgewezen omdat hij niet onder de reikwijdte van de regeling valt.
De voorzieningenrechter oordeelde dat alleen vreemdelingen die in afwachting zijn van een verblijfsvergunning opvang kunnen krijgen. Verzoeker kan zich wenden tot de gemeente voor huisvesting. Zijn medische omstandigheden, waaronder vermoedelijke PTSS en een handicap, zijn onvoldoende onderbouwd om bijzondere opvang te rechtvaardigen.
Ook het beroep op Europese regelgeving werd verworpen omdat verzoeker de mogelijkheid had om de rechter te verzoeken om schorsende werking, wat hij ook heeft gedaan. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening voor opvang wordt afgewezen omdat verzoeker niet onder de regeling valt en geen bijzondere omstandigheden zijn aangetoond.