Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting.
2.De tenlastelegging.
3.Bewijsoverwegingen.
“broer, regel 8 duizend euro nu voor mij, anders ga ik dood man ik ben met [betrokkene] hier”
zij kijken in mijn telefoon dus zeg niets raar/vreemd”
“8 duizend regel met het ergens en laat me weten broer”.
“ik heb 600 nu bij elkaar kunnen krijgen”
luister, je praat met de man die je broertje nu hebt 24 uur krijg jullie anders sturen we hem met de post in stukjes” [39]
een ander dan de gegijzeldete dwingen iets te doen of niet te doen. Met de officier van justitie en de raadsman acht de rechtbank niet bewezen dat op 14 en 15 februari sprake is geweest van gijzeling van [medeverdachte 1 ] , [medeverdachte 2 ] en [medeverdachte 3 ] , nu onvoldoende aanknopingspunten voorhanden zijn om vast te stellen dat een van hen is gedwongen tot het verrichten van de feitelijke gedragingen, die hen worden verweten, door de wederrechtelijke vrijheidsberoving van (een van de) ander(en). Verdachte zal van dit deel van de tenlastelegging wegens het ontbreken van voldoende wettig bewijs worden vrijgesproken.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde.
5.De strafbaarheid van verdachte.
6.De strafoplegging.
7.De vordering van de benadeelde partij / de schadevergoedingsmaatregel.
8.De inbeslaggenomen voorwerpen.
9.De toepasselijke wetsartikelen.
10.De beslissing.
5 (VIJF) JAREN;