ECLI:NL:RBDHA:2017:6977
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verzoek vergoeding immateriële schade door schorsingsvoorwaarden en voorlopige hechtenis afgewezen
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot vergoeding van schade als gevolg van voorlopige hechtenis en de daaraan verbonden schorsingsvoorwaarden, waaronder een avondklok. De rechtbank heeft het verzoek op 16 juni 2017 behandeld en daarbij het strafdossier bestudeerd.
De rechtbank stelt vast dat verzoeker twee dagen in voorlopige hechtenis heeft gezeten en daarna onder schorsingsvoorwaarden viel, waaronder een avondklok van 19.00 tot 07.00 uur. Verzoeker klaagde over immateriële schade door de avondklok, zoals het niet kunnen verblijven op straat met vrienden en het vervroegd moeten beginnen met stage.
Hoewel de avondklok een beperking van de bewegingsvrijheid inhoudt, oordeelt de rechtbank dat deze beperking niet zodanig is dat een vergoeding op grond van artikel 89 Sv Pro gerechtvaardigd is. Wel acht de rechtbank billijkheid aanwezig om een vergoeding van €210 toe te kennen voor de periode van voorlopige hechtenis.
De rechtbank wijst het verzoek tot vergoeding van immateriële schade door de schorsingsvoorwaarden af en kent alleen de vergoeding voor de voorlopige hechtenis toe. Het toegekende bedrag wordt overgemaakt aan Stichting Derdengelden Vogelwijk Advocaten.
Uitkomst: Verzoeker ontvangt een vergoeding van €210 voor voorlopige hechtenis, maar geen vergoeding voor immateriële schade door de avondklok.