ECLI:NL:RBDHA:2017:7915
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opheffing ongewenstverklaring wegens niet voldoen aan verblijfseisen en strafvervolging
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, is in 2007 ongewenst verklaard vanwege een gevaar voor de openbare orde en het ontbreken van rechtmatig verblijf. Na veroordelingen in Nederland en België en meerdere verblijven in Nederland na de ongewenstverklaring, heeft eiser in 2016 verzocht om opheffing van deze verklaring. Verweerder wees dit af omdat eiser niet vijf jaar onafgebroken buiten Nederland verbleef en strafrechtelijk werd vervolgd.
De rechtbank stelt vast dat eiser niet heeft aangetoond dat hij voldoet aan de vereisten voor opheffing, waaronder het ontbreken van strafvervolging en het vijfjarige verblijf buiten Nederland of de EU. Ook het door eiser aangevoerde verblijfsrecht in België kon niet worden bevestigd, mede omdat het recht verviel na het beëindigen van zijn relatie met een Nederlandse vrouw.
Verder is geen sprake van een gezins- of familieleven in Nederland dat op grond van artikel 8 EVRM Pro bescherming verdient. De rechtbank oordeelt dat het belang van de Nederlandse staat bij handhaving van de ongewenstverklaring zwaarder weegt dan het belang van eiser. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de opheffing van de ongewenstverklaring wordt ongegrond verklaard.