ECLI:NL:RBDHA:2017:8114
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag minderjarige Afghaanse asielzoeker wegens onvoldoende bewijs van Taliban-bedreiging
Eiser, een minderjarige Afghaanse asielzoeker, vreesde terugkeer naar Afghanistan vanwege een brief waarin werd geëist dat hij zich bij de Taliban zou aansluiten en een daaropvolgende ontvoering. De staatssecretaris wees de asielaanvraag af wegens onvoldoende bewijs van een verband tussen de brief en de ontvoering.
De rechtbank beoordeelde of bij het nader gehoor voldoende rekening was gehouden met de minderjarigheid van eiser en concludeerde dat dit het geval was. Ook werd geoordeeld dat het relaas van eiser op onderdelen vaag en niet onderbouwd was, wat ook aan minderjarigen kan worden tegengeworpen.
Het verband tussen de ontvoering en de Talibanbrief werd niet aannemelijk geacht, mede omdat eiser werd vrijgelaten na betaling van losgeld. De rechtbank vond ook dat de aanwezigheid van IS in Afghanistan niet zodanig was dat dit een reëel risico op ernstige schade oplevert.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de afwijzing van de asielaanvraag bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard en het besluit bevestigd.