ECLI:NL:RBDHA:2017:8497
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eisers dienden op 4 mei 2017 een asielaanvraag in Nederland in, maar verweerder nam deze niet in behandeling vanwege de Dublinverordening, omdat eisers eerder in Polen en Duitsland verzoeken om internationale bescherming hadden ingediend. De Poolse autoriteiten stemden in met terugname van eisers op basis van artikel 18, eerste lid, onder c, van de Dublinverordening.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht afgaat op de Eurodac-informatie waaruit blijkt dat eisers in Polen een asielverzoek hebben ingediend. Eisers slaagden er niet in te bewijzen dat Polen zijn verdragsverplichtingen niet zal nakomen of dat zij daadwerkelijk gedetineerd zullen worden. Ook is niet aannemelijk gemaakt dat Polen stelselmatig Tsjetsjenen uitzet zonder asielprocedure.
De rechtbank concludeert dat er geen sprake is van een schending van het refoulementverbod en dat de zorgen over de rechtsstaat in Polen niet specifiek zien op de asielprocedure. Verweerder heeft terecht geen gebruik gemaakt van zijn bevoegdheid om het verzoek in Nederland te behandelen vanwege het ontbreken van bijzondere omstandigheden. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.