ECLI:NL:RBDHA:2017:9058

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 juli 2017
Publicatiedatum
11 augustus 2017
Zaaknummer
NL17.4334
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Mondelinge uitspraak
Rechters
  • B.F.Th. de Roos
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6 Richtlijn 2004/38/EGArt. 7 Richtlijn 2004/38/EG
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring beroep tegen weigering verblijfsvergunning asiel Roemeense burger

Eiser, een Roemeense staatsburger en daarmee EU-burger, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie heeft deze aanvraag op 3 juli 2017 niet-ontvankelijk verklaard. Eiser heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank.

Tijdens de zitting op 27 juli 2017 is eiser niet verschenen, terwijl de gemachtigde van verweerder wel aanwezig was. De rechtbank heeft het onderzoek gesloten en onmiddellijk uitspraak gedaan. De rechtbank overweegt dat eiser als EU-burger een verblijfsrecht van drie maanden heeft op grond van de verblijfsrichtlijn 2004/38/EG en onder voorwaarden recht heeft op voortgezet verblijf.

Omdat eiser op grond van dit verblijfsrecht geen procesbelang heeft bij het verkrijgen van een oordeel over de niet-ontvankelijkverklaring van zijn asielaanvraag, wordt het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er zijn geen andere feiten of omstandigheden gesteld die een procesbelang kunnen rechtvaardigen. Er is ook geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL17.4334
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 juli 2017 in de zaak tussen

[naam] , eiser

(gemachtigde: mr. E.W.B. van Twist),
en

de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder

(gemachtigde: mr. K. Bruin).

ProcesverloopBij besluit van 3 juli 2017 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure niet-ontvankelijk verklaard.

Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 27 juli 2017. Eiser is, met voorafgaand bericht, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. De rechtbank ziet aanleiding om onmiddellijk uitspraak te doen en overweegt na sluiting van het onderzoek als volgt.
2. Eiser heeft de Roemeense nationaliteit en is dus burger van de Europese Unie. Dat betekent dat hij een verblijfsrecht heeft van drie maanden op grond van artikel 6 van Pro de Richtlijn 2004/38/EG (de verblijfsrichtlijn). Op grond van artikel 7 van Pro de verblijfsrichtlijn heeft hij daarna onder voorwaarden recht op voortgezet verblijf in Nederland.
3. Vanwege zijn verblijfsrecht heeft eiser geen procesbelang bij het verkrijgen van een oordeel over de niet-ontvankelijkverklaring van zijn asielaanvraag. Niet is gesteld of gebleken dat er sprake is van andere feiten of omstandigheden waaraan een procesbelang kan worden ontleend. Dat betekent dat zijn beroep niet-ontvankelijk is.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. M.Ch. Grazell, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 27 juli 2017.
griffier
rechter
Afschrift verzonden of digitaal ter beschikking gesteld aan partijen op:

Rechtsmiddel