ECLI:NL:RBDHA:2017:9111
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen beëindiging opvang na afwijzing asielaanvraag
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen de voorgenomen beëindiging van haar opvang na een afwijzende asielbeschikking van de Immigratie- en Naturalisatiedienst. De voorzieningenrechter beoordeelt het verzoek om een voorlopige voorziening op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoekster de uitkomst van haar beroep tegen de afwijzende beschikking mag afwachten, omdat niet kan worden uitgesloten dat het beroep een redelijke kans van slagen heeft. Dit wordt mede ondersteund doordat het hier de eerste asielaanvraag van verzoekster betreft. Verweerder heeft geen bijzondere belangen aangevoerd die de beëindiging van de opvang rechtvaardigen.
Op grond hiervan wordt het verzoek toegewezen en dient de opvang te worden voortgezet totdat op het beroep is beslist. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van verzoekster ter hoogte van €495,-. De uitspraak is gedaan door rechter J.J.P. Bosman en griffier M.D. Gunster op 16 mei 2017.
Uitkomst: De opvang van verzoekster wordt voortgezet totdat op het beroep tegen de afwijzende asielbeschikking is beslist.