ECLI:NL:RBDHA:2017:9698
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek Braziliaanse homoseksuele drugssmokkelverdachte wegens veilige herkomst
Eiser, een Braziliaanse man, vroeg op 27 juni 2017 een verblijfsvergunning asiel aan in Nederland. Hij stelde dat hij onterecht werd vervolgd voor drugssmokkel, omdat hij onwetend cocaïne in tomatensaus vervoerde, en vreest bij terugkeer in Brazilië gevangenisstraf en onmenselijke behandeling vanwege zijn homoseksualiteit.
De staatssecretaris wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat Brazilië sinds april 2017 als veilig land van herkomst geldt. De rechtbank bevestigde dit oordeel en vond dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat Brazilië zijn verdragsverplichtingen jegens hem niet nakomt, ondanks zijn persoonlijke omstandigheden en de situatie van LHBTI’s in Brazilië.
De rechtbank overwoog dat de vrees voor detentie en mensenrechtenschendingen toekomstig en onzeker is, en dat eiser onvoldoende bewijs had geleverd, zoals navraag bij Braziliaanse autoriteiten. Ook de vermeende bedreigingen door een derde persoon werden niet concreet onderbouwd.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees een proceskostenvergoeding af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard omdat Brazilië als veilig land van herkomst wordt beschouwd.