ECLI:NL:RBDHA:2018:10005
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling zicht op uitzetting naar Democratische Republiek Congo ondanks geen uitzettingen in 2017
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van de maatregel van bewaring die op 16 oktober 2017 aan hem is opgelegd, stellende dat er geen zicht is op uitzetting naar de Democratische Republiek Congo (DRC). Tevens verzocht hij om schadevergoeding.
De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting op 28 december 2017 behandeld en daarna geschorst om verweerder in de gelegenheid te stellen nadere informatie te verstrekken. Na ontvangst van deze informatie en reactie van eiser, is de zaak zonder nadere zitting afgedaan.
De rechtbank overweegt dat het ontbreken van uitzettingen in 2017 niet betekent dat er geen zicht op uitzetting is. Verweerder heeft aannemelijk gemaakt dat er een mogelijkheid is om eiser binnen een redelijke termijn uit te zetten, mits eiser actief en volledig meewerkt. Dit blijkt uit de aanvragen en verstrekking van laissez-passer documenten door de Congolese autoriteiten en de omstandigheden van eerdere uitzettingen.
Het beroep van eiser wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.