ECLI:NL:RBDHA:2018:10468
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing dwangakkoord ondanks weigering woningbouwcorporatie wegens beleid bij zittende huurders
Verzoekster heeft een schuldregeling aangeboden waarbij concurrente schuldeisers 3,41% van hun vordering ontvangen en preferente schuldeisers het dubbele percentage. Deze regeling is door alle schuldeisers behalve Woonpartners Midden-Holland geaccepteerd. De corporatie weigert in te stemmen vanwege haar beleid om bij zittende huurders geen akkoord te accepteren dat minder dan volledige betaling inhoudt, uit zorg voor andere huurders.
De rechtbank overweegt dat hoewel het beleid begrijpelijk is, het onvoldoende gewicht heeft in de belangenafweging. De vordering van de corporatie bedraagt slechts 2,64% van de totale schuld. Bovendien zou het buitengerechtelijke akkoord financieel gunstiger zijn dan een wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) vanwege lagere kosten.
De rechtbank concludeert dat de corporatie niet in redelijkheid tot weigering kon komen en beveelt haar in te stemmen met het akkoord. Het verzoek tot toelating tot de WSNP wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang. De uitspraak is gedaan door rechter R. Cats op 31 augustus 2018.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de woningcorporatie in te stemmen met het aangeboden dwangakkoord en verklaart het verzoek tot schuldsaneringsregeling niet-ontvankelijk.