Eiseres ontving een toeslag op grond van de Toeslagenwet (TW) als alleenstaande, maar is sinds 23 maart 2007 gehuwd en woont samen met haar partner. Zij heeft dit niet tijdig gemeld aan het UWV, dat de toeslag daarom met terugwerkende kracht heeft ingetrokken en het teveel betaalde bedrag heeft teruggevorderd.
Daarnaast heeft het UWV een bestuurlijke boete opgelegd wegens het niet nakomen van de inlichtingenplicht. Eiseres voerde aan dat zij wel melding had gemaakt van haar verhuizing en huwelijk, dat het UWV had moeten onderzoeken of zij recht had op toeslag, en dat de terugvordering en boete in strijd zijn met het vertrouwensbeginsel, rechtszekerheid, evenredigheidsbeginsel en verjaring.
De rechtbank oordeelt dat de melding van verhuizing niet automatisch inhoudt dat ook de gewijzigde gezinssituatie is gemeld en dat eiseres de verplichting had om dit zelf te melden. Het beroep op het vertrouwensbeginsel en verjaring faalt omdat het UWV pas in 2016 op de hoogte was van de gewijzigde situatie en daarna tijdig heeft gehandeld.
De opgelegde boete is passend en niet disproportioneel. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de besluiten van het UWV worden gehandhaafd.