ECLI:NL:RBDHA:2018:10655
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen overdracht asielaanvraag aan Duitsland wegens Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening.
Eiser stelde dat overdracht aan Duitsland een onevenredige hardheid oplevert vanwege zijn psychische problematiek en dreigde met zelfdoding. Hij vond dat nader onderzoek had moeten plaatsvinden, bijvoorbeeld via een aanvullend gehoor of het Bureau Medische Advisering.
De rechtbank oordeelde dat eiser zijn psychische problemen niet met stukken had onderbouwd. De gestelde voorgeschiedenis, waaronder een eerdere zelfmoordpoging in Duitsland en een zwervend bestaan, was niet aangetoond. Daarom hoefde de staatssecretaris geen nader onderzoek te verrichten.
De rechtbank concludeerde dat de humanitaire clausule van artikel 17 van Pro de Dublinverordening niet van toepassing was en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de overdracht van de asielaanvraag aan Duitsland wordt ongegrond verklaard.