ECLI:NL:RBDHA:2018:11981
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot teruggeleiding en opname ouderschapsregeling bij internationale kinderontvoering
De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek van de vader om zijn drie minderjarige kinderen terug te leiden naar het Verenigd Koninkrijk, nadat deze waren meegenomen door de moeder. Bij beschikking van 27 september 2018 wees de rechtbank dit verzoek af. De bijzondere curator werd ontslagen van haar taak, tenzij er hoger beroep werd ingesteld.
Vervolgens dienden de ouders een spiegelovereenkomst in, een mediationovereenkomst waarin zij afspraken maakten over de ouderlijke verantwoordelijkheid. De rechtbank stelde partijen in de gelegenheid deze overeenkomst in het geding te brengen en besloot het verzoek tot opname van de spiegelovereenkomst in de beschikking toe te wijzen, omdat deze regeling aan de wettelijke eisen voldoet.
De beschikking van 8 oktober 2018 bevestigt de afwijzing van het teruggeleidingsverzoek en verklaart de ouderschapsregeling uit de spiegelovereenkomst uitvoerbaar bij voorraad. Hiermee wordt de rechtspositie van de kinderen en ouders vastgelegd en wordt uitvoering aan de gemaakte afspraken gegeven.
Uitkomst: Het verzoek tot teruggeleiding van de minderjarigen wordt afgewezen en de mediationovereenkomst betreffende de ouderlijke verantwoordelijkheid wordt in de beschikking opgenomen en uitvoerbaar verklaard.