ECLI:NL:RBDHA:2018:12298
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking verblijfsvergunning asiel wegens onjuiste gegevens in mvv-nareisprocedure
Eiseres, Syrische nationaliteit, verkreeg een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd en een daarop gebaseerde mvv-nareisvergunning als meerderjarig ongehuwd kind van haar vader. Verweerder heeft de vergunning ingetrokken met terugwerkende kracht vanaf de datum van verlening, omdat eiseres onjuiste gegevens had verstrekt over haar huwelijkse staat; zij verklaarde ongehuwd te zijn terwijl zij in Syrië in 2016 traditioneel was gehuwd.
Eiseres voerde aan dat het huwelijk pas in 2017 burgerlijk was geregistreerd zonder haar medeweten en dat zij geen onjuiste gegevens had verstrekt. Ook stelde zij dat intrekking en het opleggen van een inreisverbod in strijd waren met artikel 8 EVRM Pro en de gezinsherenigingsrichtlijn. De rechtbank verwierp deze argumenten, oordeelde dat verweerder voldoende aannemelijk had gemaakt dat eiseres onjuiste gegevens had verstrekt en dat de belangenafweging rechtmatig was uitgevoerd.
De rechtbank stelde vast dat eiseres een eigen gezin in Syrië heeft gesticht en dat er geen objectieve belemmering bestaat om het gezinsleven daar uit te oefenen. Het feit dat haar ouders in Nederland wonen, doet hieraan niet af. Ook was onvoldoende aannemelijk dat zij gedwongen naar Syrië was teruggekeerd. De intrekking van de vergunning en het inreisverbod zijn daarmee gerechtvaardigd en niet in strijd met het EVRM of de gezinsherenigingsrichtlijn.
Het beroep is daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 10 oktober 2018.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de verblijfsvergunning asiel wordt ongegrond verklaard.