ECLI:NL:RBDHA:2018:1238
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid bedreigingen Naqshabandi-militie
Eiser, een Iraakse politieagent, vroeg asiel aan op grond van bedreigingen door de Naqshabandi-militie. Hij verklaarde dat hij in 2007 betrokken was bij arrestaties na het aantreffen van wapens en pamfletten van deze militie, waarna zijn auto werd opgeblazen en hij in 2013 werd beschoten. In 2015 ontving hij een bedreiging en werd zijn huis getroffen door een handgranaat, waarna hij het land verliet.
Verweerder achtte de identiteit en eerdere incidenten geloofwaardig, maar twijfelde aan de betrokkenheid van de Naqshabandi-militie bij de bedreigingen en aanslagen. De rechtbank stelde vast dat eiser onvoldoende onderbouwing gaf voor de rol van deze militie en dat het onwaarschijnlijk was dat de militie hem jarenlang zou achtervolgen zonder eerder te bedreigen.
Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit was niet-ontvankelijk, omdat inmiddels een besluit was genomen. Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag werd ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege onvoldoende geloofwaardigheid van de bedreigingen.