ECLI:NL:RBDHA:2018:12843
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening
Eiser diende op 25 mei 2018 een asielaanvraag in, maar verweerder nam deze niet in behandeling omdat Duitsland volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is. Uit Eurodac bleek dat eiser eerder in Duitsland en Italië asiel had aangevraagd en afgewezen was. De Duitse autoriteiten stemden in met terugname van eiser.
Eiser voerde aan dat Duitsland zijn verdragsverplichtingen niet zou nakomen en dat zijn rechten onder het EVRM, het Handvest en de Procedurerichtlijn zouden worden geschonden, onder meer vanwege het ontbreken van gefinancierde rechtsbijstand. De rechtbank oordeelde dat deze bezwaren onvoldoende waren onderbouwd en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt.
Verder stelde eiser dat de omstandigheden in Duitsland onaanvaardbaar waren, maar dit werd niet aannemelijk gemaakt. Ook medische gronden voor behandeling in Nederland werden niet voldoende onderbouwd. De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht het verzoek niet in behandeling nam en dat het beroep ongegrond is.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard.