Uitspraak
REchtbank DEN Haag
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
.Verzoekster is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Verweerder is, met voorafgaand bericht, niet verschenen.
Rechtbank Den Haag
Verzoekster, met de Russische nationaliteit, heeft op 22 januari 2018 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met als doel het familieleven op grond van artikel 8 EVRM Pro. Deze aanvraag is door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid afgewezen omdat verzoekster niet beschikte over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) en niet vrijgesteld was van het mvv-vereiste. Verzoekster maakte bezwaar tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen totdat op het bezwaar is beslist.
Tijdens de zitting op 6 november 2018 verscheen verzoekster met haar gemachtigde, terwijl verweerder niet aanwezig was. De voorzieningenrechter overwoog dat verzoekster een spoedeisend belang had bij de voorziening omdat zij niet rechtmatig in Nederland verbleef en uitzetting dreigde. Tevens werd beoordeeld of het bezwaar een redelijke kans van slagen had. Verzoekster had aanvullende medische informatie ingebracht en verweerder gaf aan dat zij een volledig medisch dossier mocht overleggen.
Gezien deze omstandigheden kon niet worden uitgesloten dat het bezwaar slaagt. Het belang van verzoekster om in Nederland te mogen blijven totdat het bezwaar is behandeld, woog zwaarder dan het belang van verweerder bij directe uitzetting. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen. De voorzieningenrechter veroordeelde verweerder niet in de kosten omdat verzoekster de medische stukken pas in bezwaar had ingebracht.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen, waardoor uitzetting van verzoekster wordt opgeschort totdat op het bezwaar is beslist.