ECLI:NL:RBDHA:2018:13906
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toelating schuldsaneringsregeling met toepassing hardheidsclausule wegens wanhoop en hennepkweek
Verzoeker heeft een verzoekschrift ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. De rechtbank is bevoegd deze insolventieprocedure te openen aangezien het centrum van voornaamste belangen van verzoeker in Nederland ligt. Uit de beoordeling blijkt dat verzoeker is opgehouden met betalen en niet zal kunnen voortgaan met betaling van zijn schulden.
Hoewel er vraagtekens zijn bij de goede trouw van verzoeker met betrekking tot een forse schuld aan de gemeente Leiden vanwege het houden van een hennepkwekerij, heeft verzoeker verklaard dat hij door wanhoop gedreven was en inmiddels heeft geleerd van zijn fouten. Verzoeker bevindt zich niet meer in het criminele circuit en staat sinds april 2017 onder beschermingsbewind, waarbij geen nieuwe schulden zijn gemaakt.
Gezien het feit dat verzoeker zijn financiële situatie onder controle lijkt te hebben, zich bewust is van zijn handelen dat tot de schulden heeft geleid en gemotiveerd is tot verbetering, wijst de rechtbank het verzoek toe met toepassing van de hardheidsclausule van artikel 288 lid 3 Faillissementswet Pro. Tevens worden diverse procedurele beslissingen genomen zoals het vervallen van beslagen en het benoemen van een rechter-commissaris.
Uitkomst: Verzoek tot schuldsaneringsregeling toegewezen met toepassing van de hardheidsclausule van artikel 288 lid 3 Faillissementswet.