ECLI:NL:RBDHA:2018:14205
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Italië onder Dublinverordening
Eiser diende op 11 juli 2018 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris besloot deze niet in behandeling te nemen op grond van de Dublinverordening, omdat Italië verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling. Eiser betoogde dat Italië ernstige structurele tekortkomingen kent in de asielprocedure en opvang, mede door een decreet dat de toegang tot het SPRAR-opvangsysteem beperkt.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris onvoldoende onderzoek had gedaan naar de gevolgen van het decreet, dat ertoe leidt dat veel asielzoekers in grootschalige opvangcentra met slechte omstandigheden terechtkomen. De rechtbank vond dat het onderzoek niet beperkt mocht blijven tot gezinnen met minderjarige kinderen, maar breder moest zijn.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het besluit vernietigd en de staatssecretaris opgedragen binnen vier weken een nieuw besluit te nemen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot betaling van proceskosten. Het verzoek tot voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot niet-in-behandeling-neming wordt vernietigd.