ECLI:NL:RBDHA:2018:14413
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid homoseksuele geaardheid en veilig land van herkomst
Eiser, een Algerijnse man, diende een opvolgende asielaanvraag in op grond van zijn homoseksuele geaardheid en het risico op vervolging in Algerije. Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat eiser zijn geaardheid niet geloofwaardig had onderbouwd en Algerije als veilig land van herkomst werd beschouwd.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zorgvuldig had gehandeld volgens de geldende werkinstructies (WI 2018/9) bij de beoordeling van de geloofwaardigheid van de seksuele geaardheid. Eiser had tegenstrijdige en vage verklaringen gegeven over zijn seksuele ontwikkeling en relaties, wat de ongeloofwaardigheid versterkte.
Verder was er geen aannemelijk gemaakt persoonlijk risico bij terugkeer naar Algerije, waar homoseksualiteit weliswaar maatschappelijk onacceptabel is, maar eiser onvoldoende had aangetoond dat hij geen bescherming van de autoriteiten kan inroepen.
De rechtbank verwierp ook het betoog dat eiser zich in de eerste procedure niet vrij had gevoeld zijn geaardheid te uiten. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege ongeloofwaardigheid van de homoseksuele geaardheid en het veilige land van herkomst Algerije.