ECLI:NL:RBDHA:2018:14566
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag duurzaam verblijf EU wegens ontbreken vijf jaar rechtmatig verblijf
Eiseres, met de Bulgaarse nationaliteit, diende een aanvraag in voor een document duurzaam verblijf op grond van EU-gemeenschapsrecht. Aanvankelijk werd de aanvraag toegewezen, maar dit bleek een ambtelijke misslag. Verweerder trok de toekenning in en wees de aanvraag af omdat eiseres niet kon aantonen vijf jaar onafgebroken rechtmatig verblijf te hebben gehad.
Eiseres voerde aan dat zij ten onrechte niet is gehoord in de bezwaarfase en dat het intrekken van de vergunning in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel. De rechtbank overwoog dat eiseres al wist dat zij niet voldeed aan de vereisten en dat de toekenning een evidente fout was. Er was geen sprake van strijd met rechtszekerheid of vertrouwensbeginsel omdat het verblijfsrecht declaratoir is en verweerder slechts toetst.
Verder oordeelde de rechtbank dat het niet horen van eiseres in de bezwaarfase gerechtvaardigd was omdat zij geen aanvullende bezwaarschriften had ingediend binnen de gestelde termijn, ondanks een verzoek om uitstel. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag duurzaam verblijf EU wordt ongegrond verklaard.