ECLI:NL:RBDHA:2018:14770
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Duitsland ondanks psychiatrische problemen
Eiser, van Pakistaanse nationaliteit, vroeg op 5 januari 2018 asiel aan in Nederland. Verweerder nam de aanvraag niet in behandeling omdat Duitsland op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. Eiser beriep zich op artikel 17 van Pro de Dublinverordening vanwege zijn psychiatrische problemen, waaronder een posttraumatische stressstoornis en een psychotische stoornis.
Het Bureau Medische Advisering (BMA) bracht een advies uit waarin werd gesteld dat eiser onder behandeling is en in staat wordt geacht te reizen onder strikte medicatievoorwaarden. De rechtbank vond dit advies actueel en voldoende, ondanks een nieuwe suïcidepoging die eiser's gemachtigde aanvoerde zonder nieuwe medische stukken te overleggen.
De rechtbank achtte het interstatelijk vertrouwensbeginsel van toepassing en vond dat de medische zorg in Duitsland vergelijkbaar is met die in Nederland. De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht de aanvraag niet in behandeling heeft genomen en verklaarde het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en de overdracht zal alleen plaatsvinden als aan de reisvoorwaarden wordt voldaan.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-inbehandelingneming van de asielaanvraag is ongegrond verklaard omdat Duitsland verantwoordelijk blijft ondanks de psychiatrische problemen van eiser.