ECLI:NL:RBDHA:2018:14983
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing mvv-aanvraag nareis wegens meerderjarigheid referent bij asielaanvraag
Eisers hebben een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aangevraagd voor gezinshereniging in het kader van nareis, welke door verweerder is afgewezen. De rechtbank stelt vast dat verweerder onjuist het peilmoment voor de leeftijd van de referent heeft gehanteerd, namelijk de datum van de mvv-aanvraag in plaats van de asielaanvraag. Dit is een motiveringsgebrek, maar eisers zijn hierdoor niet benadeeld omdat de referent ook bij de asielaanvraag meerderjarig was.
De rechtbank bevestigt dat eisers niet voldoen aan de voorwaarden van artikel 29, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000, waardoor de afwijzing van de mvv-aanvraag redelijk is. Er is geen noodzaak om verder te toetsen aan artikel 8 EVRM Pro. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Daarnaast wordt het verzoek om vrijstelling van griffierecht wegens betalingsonmacht gehonoreerd. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €1.002,-. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer vreemdelingenzaken van de rechtbank Den Haag op 19 november 2018.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag wordt ongegrond verklaard omdat de referent meerderjarig was bij de asielaanvraag.