ECLI:NL:RBDHA:2018:15002
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens economische motieven en veilig land van herkomst
Eiser, een Marokkaanse nationaliteit dragende asielzoeker, verzocht om een verblijfsvergunning asiel, stellende dat hij vanwege familiale conflicten en het ontbreken van identiteitsdocumenten in Marokko niet kon voorzien in zijn levensonderhoud. Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat de motieven van eiser voornamelijk economisch waren en Marokko als veilig land van herkomst werd beschouwd.
Eiser voerde aan dat het ontbreken van documenten niet aan hem mocht worden toegerekend en dat terugkeer zou leiden tot een schending van artikel 3 EVRM Pro vanwege de mensonterende omstandigheden zonder bescherming door Marokkaanse autoriteiten. De rechtbank oordeelde echter dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij niet in staat was om zijn identiteit te bewijzen, noch dat hij daadwerkelijk bescherming ontving of kon verwachten van de autoriteiten.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht de aanvraag als kennelijk ongegrond heeft afgewezen, mede omdat Marokko als veilig land van herkomst geldt en de aangevoerde omstandigheden onvoldoende waren om asielrechtelijke bescherming te rechtvaardigen. Het beroep werd ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond.