ECLI:NL:RBDHA:2018:15745
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende geloofwaardige vrees in veilig land Marokko
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel vanwege mishandeling door zijn pleegbroers in Marokko. Hij stelde dat hij na conflicten en een steekincident in Marrakesh en Tanger moest vluchten. Verweerder wees de aanvraag af omdat de vrees voor vervolging niet geloofwaardig werd geacht en Marokko als veilig land geldt.
De rechtbank oordeelde dat eiser tegenstrijdige en onvoldoende onderbouwde verklaringen gaf over zijn verblijfplaatsen en de omstandigheden van de mishandeling. Ook was onvoldoende aannemelijk gemaakt waarom hij uit huis werd gezet en waarom hij niet eerder melding maakte van vervolging. De rechtbank volgde de eerdere uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak dat Marokko een veilig land is, tenzij persoonlijke omstandigheden dat tegenspreken.
Eiser slaagde er niet in aan te tonen dat Marokko in zijn geval onveilig is. Ook de stelling dat het inreisverbod zijn gezinsleven met zijn vriendin in Antwerpen schaadt, werd verworpen wegens gebrek aan bewijs van de relatie. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het inreisverbod gehandhaafd.