Uitspraak
uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[naam eiser] ,
Procesverloop
Overwegingen
Afvalligheid
Getuigenis van [predikant] , van de Christelijke Gereformeerde Kerk in [plaats 1]
Sis eiser in [plaats 1] komen wonen. Hij ging daar ook op zoek naar een kerk. Eiser is gedoopt in een kerk in Zaandam. Als [predikant] met eiser spreekt, dan gaat het over trauma's vanuit de jeugd en de opvoeding. Eiser komt vaak naar de bijeenkomsten in de kerk. Hij.doet mee aan veel activiteiten. Hij volgt online ook een Bijbelstudie. Hij heeft daarbij wel een beperking en dat is dat zijn opleidingsniveau niet heel hoog is. Hij kan wel lezen, maar het is niet heel makkelijk voor hem. Eiser vindt in de kerk zijn vrienden, zijn familie. Op de vraag of er een proces van bekering is, heeft [predikant] geantwoord dat eiser heel duidelijk kiest voor een leven als christen. Eiser is veel met het geloof bezig. Voor [predikant] staat als een paal boven water dat eiser christen genoemd kan worden. ·
Verweerders standpunt ter zilling na eisers toelichting en de verklaring van de getuige
De landeninformatie en verweerders beleid
werden beperkt in het praktiseren van hun geloof Zo werden protestantse, evangelische en pinkstergemeentendie Farsi-talige bijeenkomsten hielden, in de·verslagperiode op last van de autoriteiten gesloten of beperkt in hun activiteitf!n. Nieuwe kerken die nog open waren, werden verplicht hun diensten van de vrijdag naar de zondag te verplaatsen. Doordat zondag een reguliere werkdag is in Iran, is met deze maatregel automatisch hèt aantal kerkgangers teruggedrongen. Bijeenkomsten in huiselijke kring.werden in de gaten gehouden en bezoekers van dergelijke bijeenfsomsten werden gearresteerd.
die zich bezig houden met bekeringsactiviteiten, waardoor zij vaker onder de verhoogde aandacht van de autoriteiten staan. De religieuze bijeenkomsten van deze stromingen worden scherp in de gaten gehouden om het verbod op bekeringsactiviteiten tehandhaven."
Het ontbreken van bewijs en de mogelijkheid om alsnog aan documenten te komen
Bewijsopdracht aan eiser
J.K en anderen tegen Zweden,23 augustus 2016, nr.59166/12,
N282, r.o. 92 en naar de UNHCR Note on Burden and Standard of Proof in Refugee Claims, par.11.
schoonbroer; echtgenoot van zus] van [naam eiser] [Handtekening]
Hila/ tegen het Verenigd Koninkrijkvan 6 maart 2011 (n·ummer 45276/99), waarin het E aan de verklaringen van de echtgenote van de klager gewicht heeft toegekend en deze verklaringen heeft aangemerkt als steunbewijs voor de verklaringen van klager. Om daadwerkelijk als bewijs te kunnen dienen moeten verklaringen van familieleden echter wel specifiek, gedetailleerd en concreet ondersteuning bieden aan de verklaringen van de asielzoeker. Dat is met de brief van eisers zwager en zus niet het geval, de brief
jsniet specifiek, concreet en gedetailleerd genoeg.
5september 2012 in de zaak van
Y. en Z.( C-71/11 en C-99/11) is gèoordeeld dat van een gelovige niet m_ag worden geëist dat hij, om vervolging te vermijden, zich onthoudt van het verrichten van bepaalde godsdienstige handelingen (het discretie-vereiste mag niet worden gesteld).