Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] ,
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Turkse nationaliteit, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in Nederland om bij zijn partner te verblijven. Verweerder wees de aanvraag af vanwege een opgelegd inreisverbod en een onherroepelijke veroordeling wegens een zedendelict, wat een gevaar voor de openbare orde vormt.
De rechtbank oordeelde dat het inreisverbod inmiddels was opgeheven, maar dat dit niet betekent dat het gevaar voor de openbare orde is verdwenen. Het toetsingskader voor het mvv verschilt van dat voor het inreisverbod. Eiser kon ook geen beroep doen op standstill-bepalingen omdat hij niet als werknemer of zelfstandige viel onder de relevante verdragen.
De rechtbank concludeerde dat verweerder een juiste belangenafweging had gemaakt onder artikel 8 EVRM Pro, waarbij het gezinsleven niet zwaarder woog dan het belang van een restrictief toelatingsbeleid. De afwijzing was daarom rechtmatig en het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard.