ECLI:NL:RBDHA:2018:2338
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling woningweigering en beëindiging verstrekkingen na asielvergunning
Eiseres, een Eritrese vrouw, kreeg een verblijfsvergunning asiel en werd passende huisvesting aangeboden bij haar ex-echtgenoot in Amsterdam. Zij weigerde deze woning omdat haar echtgenoot een nieuwe relatie had. Verweerder stelde dat zonder bewijs van beëindiging van de relatie geen recht bestaat op gesplitste huisvesting en beëindigde de verstrekkingen.
De rechtbank oordeelde dat zij bevoegd is kennis te nemen van het beroep omdat de aanzegging een feitelijke handeling is die gelijkgesteld wordt met een besluit. Eiseres had op het peilmoment tussen vergunningverlening en definitieve weigering van de woning bewijs van beëindiging van de relatie moeten overleggen, wat zij niet deed. Formele echtscheidingsdocumenten waren er nog niet, maar ook ander bewijs ontbrak.
De rechtbank verwierp het beroep en stelde dat de aanzegging rechtmatig en deugdelijk gemotiveerd was. Een ex nunc toetsing is uitgesloten op grond van artikel 83 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de rechtmatigheid van de aanzegging tot beëindiging van verstrekkingen.