Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
verzoekende partij,
Rechtbank Den Haag
Op 7 mei 2015 heeft verzoeker een ongeval gehad waarbij hij letsel opliep. Amlin, de verzekeraar, erkende aansprakelijkheid maar betaalde slechts een voorschot van €1.000 en €3.000 aan buitengerechtelijke kosten. Verzoeker vorderde een aanvullend voorschot van €7.500 en vergoeding van onbetaalde buitengerechtelijke kosten.
De kantonrechter oordeelde dat onvoldoende is aangetoond dat de klachten van verzoeker, waaronder pijn in nek, schouder en rug met uitstraling, daadwerkelijk het gevolg zijn van het ongeval. Medische stukken toonden aan dat deze klachten reeds bestonden vóór het ongeval, waaronder een neuroloog die rugklachten van minstens drie maanden oud constateerde en eerdere klachten sinds maart 2014.
Daarnaast was het ongeval zelf zeer licht van aard, wat de ernst van de klachten niet ondersteunt. Verzoeker heeft niet bestreden dat er sprake is van pre-existentie. Gezien het ontbreken van een causaal verband en het feit dat partijen al lange tijd discussieerden over de schade, werd het verzoek afgewezen. Ook werden de kosten van de procedure niet toegewezen omdat de procedure niet onnodig of onterecht was gestart, maar de onderbouwing ontbrak.
Uitkomst: Het verzoek tot voorschot en vergoeding van buitengerechtelijke kosten wordt afgewezen wegens ontbreken van causaal verband.