ECLI:NL:RBDHA:2018:3629
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening
Eiser diende op 17 december 2017 een asielaanvraag in, maar verweerder nam deze niet in behandeling omdat Duitsland volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de aanvraag. Uit Eurodac bleek dat eiser op 11 augustus 2015 al een asielverzoek in Duitsland had ingediend. Verweerder verzocht Duitsland om eiser terug te nemen, wat Duitsland op 18 januari 2018 heeft bevestigd via het claimakkoord.
Eiser stelde dat Duitsland zijn verdragsverplichtingen niet zou nakomen en dat hij zijn vingerafdruk onder dwang had afgegeven zonder asielverzoek te doen. De rechtbank oordeelde dat eiser deze stellingen onvoldoende had onderbouwd en dat hij klachten hierover bij de Duitse autoriteiten moet indienen. Het claimakkoord garandeert dat Duitsland de aanvraag in behandeling neemt, waardoor indirect refoulement niet aan de orde is.
De rechtbank vond dat verweerder terecht het verzoek niet in behandeling nam en dat geen bijzondere omstandigheden waren aangevoerd die overdracht aan Duitsland onredelijk maken. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.