ECLI:NL:RBDHA:2018:4129
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag als kennelijk ongegrond wegens veilig land en moedwillige vernietiging paspoort
Eiser, van Mongolische nationaliteit, verzocht om asiel wegens bedreiging door een machtig persoon in zijn land. Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond op grond van artikel 30b van de Vreemdelingenwet 2000, omdat Mongolië als veilig land van herkomst wordt beschouwd en eiser zijn paspoort moedwillig heeft vernietigd.
Eiser betoogde in beroep dat hem niet duidelijk was dat identificatiedocumenten noodzakelijk waren en dat hij bezig was deze alsnog via familie te verkrijgen. Hij stelde ook dat corruptie in Mongolië zijn situatie bemoeilijkt en dat het eerdere terugkeerbesluit en inreisverbod onterecht waren, omdat hij zijn studerende vriendin niet kan bezoeken.
De rechtbank oordeelde dat verweerder het standpunt voldoende had gemotiveerd en dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat Mongolië voor hem geen veilig land is. Het moedwillig vernietigen van het paspoort werd niet geaccepteerd als geldig excuus. Ook het beroep tegen het terugkeerbesluit en inreisverbod faalde wegens gebrek aan onderbouwing.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de asielaanvraag af als kennelijk ongegrond.