ECLI:NL:RBDHA:2018:4224
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser, een Algerijnse nationaliteit dragende asielzoeker, diende op 27 december 2017 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid besloot op 23 februari 2018 deze aanvraag niet in behandeling te nemen, omdat op grond van de Dublinverordening Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag. Nederland had op 9 januari 2018 een verzoek tot terugname bij Frankrijk ingediend, dat op 22 januari 2018 werd aanvaard.
Eiser voerde aan dat er concrete aanwijzingen zijn dat Frankrijk zijn internationale verplichtingen niet nakomt, onder meer omdat hij eerder door de Franse politie was weggestuurd en vanwege een rapport van de Asylum Information Database waarin ernstige tekortkomingen in de Franse asielprocedure en opvangvoorzieningen werden genoemd. De staatssecretaris stelde echter dat eiser geen concrete aanwijzingen had aangevoerd die een uitzondering op de Dublinverordening rechtvaardigen.
De rechtbank oordeelde dat eiser zijn stellingen onvoldoende had onderbouwd. Het AIDA-rapport toonde geen systematische tekortkomingen die in deze zaak relevant zijn. De melding van pushbacks was niet van toepassing omdat Frankrijk had gegarandeerd het asielverzoek van eiser in behandeling te nemen. De rechtbank wees het beroep af en wees ook het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.