Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter zitting
De raadsvrouw van de veroordeelde is verschenen en op de vordering gehoord.
2.De vordering
- de betalingen ten titel van ‘Aflossing persoonlijke lening’ en ‘Afkooppremie/vast contract’ vormen wederrechtelijk verkregen voordeel. Deze titels zijn namelijk vals en de betalingen zien op de vergoeding voor het meewerken aan de zorgfraude;
- de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel in het onderzoek Budget is mede gebaseerd op in de administratie aangetroffen op schrift gestelde winstverdelingen en de verklaring daarover van veroordeelde.
3.De beoordeling van de vordering
deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven;
eigen initiatiefzijn dienstbetrekking wenst te beëindigen. De rechtbank acht het daarentegen aannemelijk dat dit bedrag is betaald voor de toen reeds uitgevoerde werkzaamheden ten behoeve van de zorgfraude. Dit vindt bevestiging in de omstandigheid dat verdachte - volgens zijn eigen verklaring – na het ontvangen van het afkoopbedrag niet gestopt is met zijn werkzaamheden voor [onderneming] , maar het wel mocht houden.
in het kader van de dienstbetrekking(zoals door de raadsvrouw is aangevoerd) blijkt uit niets en is bovendien strijdig met de verklaring van de veroordeelde zelf.
te reserveren belastingen
inkomsten uit PT&W,volgen. Dit betekent dat over 2010 € 22.122,21 in aanmerking wordt genomen en over 2011 € 19.203.
4.Het toepasselijke wetsartikel
5.De beslissing
€ 115.825,21;
€ 105.825,21aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.