ECLI:NL:RBDHA:2018:4693
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen Dublin-overdracht naar Italië wegens onvoldoende medische gronden
Eiser, een Gambiaanse asielzoeker, diende op 27 september 2017 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris weigerde de aanvraag in behandeling te nemen omdat op grond van de Dublinverordening Italië verantwoordelijk is voor de behandeling. Eiser voerde aan dat hij vanwege medische klachten en slechte opvangomstandigheden in Italië niet overgedragen mag worden, verwijzend naar het arrest Tarakhel en diverse rapporten.
De rechtbank oordeelde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Italië nog steeds geldt, mede gelet op eerdere uitspraken van het EHRM en de Afdeling bestuursrechtspraak. De door eiser overgelegde rapporten gaven geen wezenlijk ander beeld. Eiser slaagde er niet in aannemelijk te maken dat hij in Italië geen adequate medische zorg zal ontvangen of dat hij een bijzondere kwetsbaarheid heeft zoals bedoeld in het arrest Tarakhel.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht geen gebruik hoefde te maken van de hardheidsclausule van artikel 17 Dublinverordening Pro. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de Dublin-overdracht naar Italië wordt ongegrond verklaard.